Kotsen als therapie: mijn ervaringen met Kambo

Dit is al een oudere post, van juni 2016.

Wie mij al wat langer kent weet dat ik nogal van zweverige dingen hou. Zo ben ik al jaren verslingerd aan yoga, heb ik ooit een reiki cursus gedaan en loop ik regelmatig rond met edelstenen in mijn beha om mijn tere zieltje te beschermen tegen al die negatieve energieën van julie. Toen ik enkele maanden geleden een collega betrapte met een paar zwarte stipjes op haar arm kwam ik in aanraking met iets wat zelfs voor mij wel erg ver ging: Kambo. Een sjamanistisch ritueel waarbij gebruik wordt gemaakt van kikkergif uit de Amazone, met het doel om zowel lichaam als geest een flinke reiniging te laten ondergaan. Je begrijpt, dat moest ik proberen. 

In eerste instantie leek het me een super goed idee om aan de Kambo te gaan, maar naarmate de datum van de ceremonie dichterbij kwam begon ik toch wel te twijfelen. De filmpjes en verhalen die ik op internet tegen kwam stelden me ook niet bepaald gerust, gebruikers gaven aan dat ze dusdanig ziek werden van het kikkergif dat ze het gevoel hadden dat ze doodgingen en zo zagen ze er ook uit. En naast dat ze zich verschrikkelijk ellendig voelden werd er ook in geuren en kleuren verteld over alle mogelijke lichamelijke effecten van de Kambo: van projectiel braken, koude koortsaanvallen en hartkloppingen tot extreme diarree. En daarnaast kregen sommige gebruikers door de Kambo ook een extreem opgezwollen kikkergezicht, wat soms wel dagenlang aanhield. Mijn familie en vrienden verklaarden me voor gek en waren bang dat ik het niet zou overleven. Inmiddels begon ik daar zelf ook bang voor te worden. Eerlijk is eerlijk: het is dat ik niet wilde afgaan voor mijn collega maar anders weet ik niet of ik het wel door had laten gaan.

Toen ik op een regenachtige zaterdag met klamme handjes onderweg was naar de plek waar de Kambo ceremonie gehouden zou worden moest ik halverwege overstappen op een andere tram. Ik zag dat mijn OV chipkaart te weinig saldo had om nog terug te kunnen reizen dus besloot ik die eerst nog even op te laden.  Terwijl ik dat aan het doen was viel mijn oog op iets groens bij de kassa. Een hele grote bak kikkersnoepjes. Dat kan geen toeval zijn. De boodschap was me duidelijk, ik ben precies waar ik op dat moment moet zijn en het komt wel goed die Kambo.

Er doen nog twee anderen mee met de Kambo ceremonie en daarnaast zijn er twee begeleiders. Er worden emmertjes klaargezet, er wordt een heel altaar opgebouwd en we worden gereinigd met salie. Vervolgend ontvangen we 1 voor 1 de Kambo. De begeleidster raadt mij aan om als eerste te gaan, omdat het mijn eerste keer is en ze bang is dat ik het anders niet meer ga doen. Maar dat zie ik echt niet zitten, ik wil eerst zien of de anderen het overleven voordat ik mij laat ‘vergiftigen’. Ik beloof haar dat ik het écht ga doen, maar dan als tweede. Gelukkig vindt ze het goed. Ik geef mijn ogen goed de kost als ze met de eerste persoon aan de slag gaan en ik zie hem binnen 30 seconden na het aanbrengen van de Kambo vuurrood worden. Hij lijkt wel een kreeft. Na een paar minuten verandert zijn huidskleur van rood naar grijs, begint hij te kokhalzen en geeft uiteindelijk met veel kracht over. Vervolgens kruipt hij op handen en knieën naar het toilet, om daar het komende kwartier niet meer af te komen. Maar hij lééft, dus ik ben enigszins gerustgesteld. Ik neem nog een paar laatste slokken van de 2 liter water die ik voorafgaand aan de Kambo moet drinken en de begeleidster komt met haar stokje naar me toe om de gaatjes in mijn huid te branden. Aangezien mijn lichaam vaak nogal heftig op dingen reageert (alcohol, cafeïne, medicijnen) besluiten we om het voor vandaag bij 3 stipjes te houden. ‘Ben je er klaar voor?’ vraagt ze. ‘Ja’ antwoord ik met een stalen gezicht. Ik wil haar vragen of er weleens iemand is overleden door Kambo, maar ik wil het antwoord eigenlijk helemaal niet weten. Ze brengt de Kambo aan op mijn verse brandwondjes (wat overigens echt gemeen zeer doet), ik sluit mijn ogen en ik keer naar binnen. ‘Succes, en een mooie reiniging.’

Binnen een paar seconden voel ik mijn hartslag en lichaamstemperatuur flink omhoog gaan en ervaar ik een intense, kloppende sensatie die langzaam omhoog kruipt. Mijn keel wordt dik en ik merk dat ik moeilijker kan ademhalen. Mijn oorlellen beginnen ook te kloppen. Het is geen onaangenaam gevoel maar wel heel intens. Heel even raak ik in paniek, maar ik weet dat dit erbij hoort en dat er mensen om me heen zijn om in te grijpen als het echt mis zou gaan. Ik voel een soort oerkracht over me heen komen en geef me volledig over aan de Kambo. Ik blijf even zo zitten, met mijn ogen gesloten, wachtend op de misselijkheid. Die laat niet lang op zich wachten. Wat voel ik me beroerd zeg, nog erger dan de ergste griep. Ik wil op de grond gaan liggen en niet meer wakker worden. En waar ik het net nog bloedheet had krijg ik het nu heel erg koud. Ik wil overgeven, af van dat intens misselijke gevoel, maar het lukt niet. Na een paar keer kokhalzen komt er eindelijk wat los. Ik kots een half emmertje vol en ga weer rechtop zitten. ‘Volgens mij is het wel klaar nu’, zeg ik met een betraand gezicht. De begeleiders moeten lachen. Het is niet klaar. Het is nog niet eens een klein beetje klaar. Ik heb ruim twee liter water op en dat is er nog lang niet allemaal uit. ‘De kikker is nog gif aan het verzamelen in je lijf’ zeggen ze. Ik ben ontzettend misselijk, maar nog niet misselijk genoeg. Ik voel het. Ik drink nog een halve liter water en dan begint het echte werk. Dit is geen overgeven meer, het lijkt The Exorcist wel. Ik heb me nog nooit zo slecht en zo goed gevoeld tegelijk, wat een ontlading. ‘Goed zo meisje!’ roepen de begeleiders als ik mijn derde emmer vol knalgeel braaksel (met vlokken) produceer. Ik voel dat het klaar is en ga even liggen. Ik ben zo verschrikkelijk moe ineens. Ik rust een half uurtje uit op de bank en voel me daarna eigenlijk wel weer goed. Ik voel me licht en schoon vanbinnen en ik ervaar heel veel rust. Voor het eerst in tijden is het even stil in mijn hoofd. Ik besluit ter plekke dat ik eigenlijk wel de volledige maancyclus wil gaan voltooien: 3x Kambo met steeds maximaal 28 dagen ertussen.

De dagen erna voel ik pas echt het effect van de Kambo. Ik heb veel meer energie en sta zonder moeite vroeg op. Ik slaap goed. Ik voel me licht en gezond. Maar het grootste verschil ervaar ik in het emotionele en psychische vlak. Ik voel dat mijn hart helemaal open staat. Ik kijk anders uit mijn ogen, zachter. Het valt andere mensen ook op. En ik voel me ontzettend dankbaar en nederig naar dit prachtige medicijn.

Als je je na dit verhaal ook aangetrokken voelt tot een therapeutische kotssessie verwijs ik je door naar de lieve mensen van http://www.kambothuis.nl . Het is verschrikkelijk afzien tijdens de ceremonie, maar het effect is het meer dan waard.

Advertenties
Kotsen als therapie: mijn ervaringen met Kambo

Ik probeerde bikram (en ik vond het verschrikkelijk)

Afgelopen vrijdag ben ik voor het eerst naar bikram yoga geweest. Voor de mensen die niet weten wat dat is: bikram yoga is een spartaanse vorm van yoga die wordt uitgevoerd in een ruimte met een temperatuur van rond de 40 graden Celsius. Het leek me eigenlijk helemaal niet fijn maar ik was er tegelijk ook wel heel nieuwsgierig naar. Dus besloot ik om maar eens een lesje mee te doen in het stikhok.

Toen ik binnenkwam bij Bikram Yoga Den Haag had ik eigenlijk direct al het gevoel dat deze plek niets voor mij was. De weeïge zweetlucht was het eerste wat me opviel. Daarna de rekken vol met onbetaalbare en veel te hippe yogakleding en de koelkast gevuld met 15 smaken kokoswater. Ik snap dat er geld verdiend moet worden met die torenhoge energierekening bij Bikram Yoga Den Haag maar ik vind een spirituele leer als yoga en Westers materialisme toch wel een beetje een twijfelachtige combi.

Dan de mensen die er rondliepen. Laat ik het erop houden dat ze een tikkeltje intimiderend waren. Ze waren dunner en fitter en leniger dan elke yogi die ik tot nu toe ontmoet heb. Ik weet dat het geen zin heeft om mezelf te vergelijken met anderen en dat er geen competitie zou moeten zijn in yoga maar deze mensen waren echt next level. Ik trok spontaan m’n buik in in de hoop dat ik minder uit de toon zou vallen naast deze extreem ranke gazelles, maar ze hadden allang door dat ik van pizza hou.

Nadat ik me had ingeschreven aan de balie en een matje en levensgrote microvezel doek overhandigd had gekregen wandelde ik op blote voeten naar de kleedruimte. Een smal, benauwd hok met een vieze, nattige vloer. Ik vervloekte mezelf dat ik geen slippers had meegenomen want ik voelde de paddenstoelen spontaan groeien tussen mijn tenen.

Eenmaal in de zaal aangekomen legde ik mijn matje neer en drapeerde de microvezel doek zo charmant als het ging eroverheen. Wellicht dat mijn associatie met microvezel doeken veranderd is na jarenlang met die krengen te hebben schoongemaakt, maar in mijn ogen zijn microvezel doeken bedoeld om het toilet mee schoon te maken en niet om op te liggen. Maar gezien de temperaturen in de zaal moest ik wel, want geen enkele yogamat is bestand tegen de onmenselijke hoeveelheden zweet die ik in het komende anderhalf uur zou gaan uitscheiden.

Over de inhoud van de les wil ik niet teveel uitweiden. Ik vind eerlijk gezegd dat ik wat ik daar heb gedaan niet echt yoga kan noemen. Ik zou het eerder bestempelen als een zeer masochistische work-out. Daarmee wil ik niet zeggen dat yoga altijd maar comfortabel moet zijn, er is wat mij betreft namelijk helemaal niks mis met het opzoeken van je eigen grenzen. Maar ik vond het echt een gemis dat de hele les alleen maar draaide om met grof geweld zo diep en zo krachtig mogelijk in de houdingen te komen en dat het meditatieve element van yoga helemaal niet aanwezig was. Ook vond ik het onwijs irritant dat er overal spiegels hingen en ik daardoor onbewust naar mijn eigen vetrollen ging kijken (helemaal met al die gazelles om me heen). Het doel van yoga is als je het mij vraagt juist om naar binnen te keren en even niet druk te maken om de buitenkant.

Daarnaast vond ik de houdingen bij bikram yoga eigenlijk helemaal niet zo prettig om te doen. Ze waren heel erg statisch en ze deden pijn. Ik voelde me gedurende de les net een heel zweterig standbeeld. En ik vind het ook jammer dat ze in elke bikram les altijd exact dezelfde 26 houdingen uitvoeren. Er zijn zo ontzettend veel fijne yogahoudingen, waarom zou je je beperken tot slechts 26 stuks die ook nog eens lang niet voor iedereen de optimale houdingen zijn om te doen? Ik vind dat zonde. En daarnaast ook dodelijk saai.

Maar ik heb het mooi wel 90 minuten volgehouden in het stikhok zonder te sterven. En de warmte? Die vond ik eerlijk gezegd wel fijn. Ik werd er lekker soepel van en ik kon daardoor een stuk verder stretchen dan normaal. Maar hier schuilt tegelijk het gevaar, want getuige de intense spierpijn de dagen na de les ben ik ongemerkt behoorlijk over mijn grenzen gegaan. Ook liep ik na de les zo wankel als een pasgeboren veulentje en was ik erg duizelig, een teken dat ik mezelf behoorlijk wat geweld aan heb gedaan. Maar het moet gezegd: ik heb die nacht geslapen als een baby.

‘Kom gerust nog een paar keer meedoen, je hebt de komende 7 dagen onbeperkt toegang’ zei de leraar naderhand. Als jullie de boel nou eerst eens flink laten luchten, die gazelles een dagje in de wei laten staan, die vaste serie de deur uit knikkeren en een microvezel doek voor de spiegels hangen wil ik het overwegen. Maar eigenlijk ben ik veel te cool voor hot yoga.

Ik probeerde bikram (en ik vond het verschrikkelijk)

Welkom!

Op veler verzoek ben ik weer een blog begonnen. Joepie!

Voor de mensen die mij nog niet kennen: ik ben Sophie. Ik ben 24, trotse poezenmoeder van twee veel te dure raskatten, ik hou van dekentjes en van kaas en in de tussentijd doe ik hard mijn best om de serene yogi uit te hangen. Meer hoef je eigenlijk niet van me te weten.

Enjoy!

Welkom!